Mijnbouw en het milieu

U bent hier

Eén van 's werelds grootste producenten

De Australische mineraalsector bevindt zich in de top vijf van de grootste producenten van mineralen ter wereld. De productie van mijnen is over de laatste decennia gestaag toegenomen en steeg met 20% tussen 2002 en 2007.

Australië is 's werelds grootste producent van bauxiet en aluinaarde, ilmeniet, zirkoon en rutiel, synthetisch rutiel en tantalium. Het is de tweede grootste producent van goud, ijzererts, lood, uranium, diamanten (volgens gewicht) en zink, de derde grootste producent van zilver en nikkel, de vierde grootste producent van zwarte kolen en mangaan, en de vijfde grootste producent van aluminium, koper en bruinkool.

Een overzicht van vergevorderde mineraal- en energieprojecten (april 2007). Bron: Minerals industry factsheet

Mijnbouw draagt in belangrijke mate bij aan de Australische economie

In de jaren 1900 droeg mijnbouw 10% bij aan het bruto binnenlands product (BBP) en werd het gedomineerd door goudproductie met minder belangrijke bijdragen van koper, lood en steenkool. Deze bijdrage nam af tegen het einde van de gold rush (goudkoorts) en begon weer toe te nemen eind jaren '60.

Tussen 1961 en 1971 nam de productie van ijzer toe van 5 tot 57 miljoen ton terwijl de productie van steenkool toenam van 41 tot 73 miljoen ton.

De productie van ijzererts en steenkool bleef toenemen tot in de jaren '80, voornamelijk gedreven door de exportvraag. Vandaag draagt mijnbouw zo’n 5,6% bij aan het Australische BBP.

Australië is de grootste uitvoerder ter wereld van steenkool, aluminium, ijzererts, lood, zink en de tweede grootste van uranium. Zo’n twee derde van de export gaat naar Aziatische landen. In 2007 bedroeg de export van mineralen zo’n 60% van de totale Australische handel in grondstoffen. Tussen 2002 en 2007 stond de uitvoer van de mineralenindustrie garant voor meer dan 300 miljard Australische dollar (A$).

De meeste belangrijke Australische grondstoffen kunnen de huidige snelheid van bemijning nog vele decennia volhouden.

De Australische mijnexploratie neemt nog steeds toe: de uitgaven in 2007 stegen met 41% tot 2061 miljoen A$. Deze toename weerspiegelde de sterke prijstoename van veel grondstoffen ten gevolge de verwachte sterke en groeiende vraag, voornamelijk uit China.

Index van de Australische mijnbouwproductie (basis: 1997-1998 = 100) 
Bron: Australian Mineral statistics, June quarter 2008, ABARE 2008

De gevolgen voor het milieu

Logischerwijs omvat de winning van delfstoffen steeds het wijzigen van de natuurlijke omgeving. Verschillende aspecten. Verschillende aspecten van mijnbouw zijn van invloed op de directe omgeving, terwijl andere een meer globaal effect hebben, zoals de bijdrage aan de uitstoot van broeikasgassen.

Bodemvervuiling en biodiversiteit

In de eerste plaats kunnen de afvalstoffen geproduceerd door de mijn in waterlopen stromen of in de bodem lekken, waardoor het ecosysteem ernstig vervuild wordt. Veel residuen zijn niet opgebouwd als bewust ontworpen structuren maar eenvoudigweg door het optasten van residuslurrie. Afhankelijk van de aard van de mijnoperatie en de winningsprocessen kunnen deze residuen zure of bijtende materialen, zware metalen of cyanide bevatten, waardoor het land over het algemeen onbruikbaar wordt voor welke toekomstige vorm van landgebruik dan ook. Mijnputten kunnen besmet geraken door zuur water dat mogelijks hoge concentraties opgeloste zware metalen bevat en in de put infiltreert. Tenzij bij uitgebreide herstelmaatregelen zullen de putten waarschijnlijk vervuild blijven.

In de tweede plaats kunnen mijnbouwactiviteiten een bedreiging voor de biodiversiteit zijn. Het wegnemen van zowel flora als fauna van de mijnsite veroorzaakt hiaten in de voedselketen voor de achterblijvende fauna én voor problemen met de opvolging van planten nadat de mijnbouw beëindigd werd.

Landschappelijke impact van mijnbouw bij de Argyle Diamond Mine, Kimberley, Australia - Bron

Milieueffectenrapportering en herstelmaatregelen

Om de schade te minimaliseren worden mijnbedrijven nu verplicht een Milieueffectenrapportering (MER) uit te voeren en rekening te houden met herstelmaatregelen.

Een MER is een rapport gericht op de beleidsmakers over de te verwachten milieueffecten van een geplande actie of project. Elke actie die een bedreiging vormt voor het bestaan of een belemmering zou kunnen vormen voor het herstel van een inheemse soort wordt beschouwd als ongewenst.

Herstel van een mijnsite is over het algemeen een meerstappenproces. Eerst moet uitgebreid onderzoek uitgevoerd worden voorafgaand aan de mijnbouwactiviteiten. Zaden moeten verzameld worden om in een later stadium herplant te worden. Na de mijnfase moet de terug gegroeide vegetatie verwijderd worden en het landschap mechanisch herschapen tot contouren gelijkend op die voor mijnactiviteiten. De bodemtoplaag wordt vaak opnieuw uitgespreid, behandeld met meststoffen en beplant met een grasachtig bedekkingsgewas en endemische peulvruchten. Zodra de bodemtoplaag stabiel geacht wordt kunnen dominante inheemse boom- en struiksoorten geplant worden met een dichtheid gelijkaardig aan die voor de mijnactiviteiten. 
Als het herstel succesvol is zal er weinig visueel bewijs zijn dat er ooit aan mijnbouw is gedaan. Het is echter noodzakelijk om een lange natuurlijke ontwikkeling toe te laten om zeker te zijn dat de weelderigheid en rijkdom van plantensoorten geheel opgaan in die van de omringende, niet bemijnde gebieden.

Uitstoot van broeikasgassen per capita voor een aantal geïndustrialiseerde
landen, gemeten in tonnen C02-equivalent. 
Data bron: Turton (2004) - Bron: State of the environment

Australiës totale (directe en indirecte) uitstoot van broeikasgassen in 2006
Bron : National Inventory by Economical Sector 2006

Bijdrage van mijnbouw aan de uitstoot van broeikasgassen

Australië draagt voor 1,5% bij aan de globale uitstoot van broeikasgassen, maar per capita is het de grootste uitstoter in de industriële wereld.

Hoewel mijnen voor minder dan 0,02% van de totale oppervlakte meetellen, draagt de mijnsector zo’n 8,40% bij aan de totale uitstoot van broeikasgassen in Australië.

Dit cijfer is erger in de staat Western Australia waar mijnbouw een belangrijke economische bijdrage levert. In 2002 droegen mijnbouw en de grondstoffensector zo’n 17,5% bij aan de totale uitstoot van broeikasgassen van de staat. Dit tengevolge een aantal nieuwe mijnen, mijnuitbreidingen en de opening van nieuwe offshore gasvelden in het noordwesten.

Het merendeel van de uitstoot van de staat (74% in 2004) kwam van de energiesector – die een groot aantal energie-intensieve industrieën omvat die gelinkt zijn aan de mijnbouw- en grondstoffensector, zoals olie en gas, mineralen, bauxietraffinage en ijzer en staalproductie. De uitstoot van de energiesector nam met 58% toe tussen 1990 en 2005.

Als een gevolg van de verwachte voortgezette groei in de sector zal de totale bijdrage van de Australische mijnbouw- en grondstoffensector aan de uitstoot van broeikasgassen waarschijnlijk nog toenemen in de komende jaren, ondanks overheidsbeleid om de uitstoot in te perken.

Bronnen
Australia's Identified Mineral Resources 2008 (AIMR 2008)
Year Book Australia, 2005 - 100 years of change in Australian industry
Minerals industry factsheet , Australian Bureau of Agricultural and Resources Economics, 2007
National Land Use Summary Statistics 2001/2002
National inventory by economic sector (2006)
Australian mineral statistics (quarterly) June 08
State of the environment, Western Australia, report 2007
HSC CSU Earth and Environmental Science

Links
Sunrise Dam Goldmine (NASA Earth Observatory) “Super Pit” Mine, Kalgoorlie, Western Australia (NASA Earth Observatory)